Vraag aan een expert - Inkomsten uit de deeleconomie: zijn er al erkende platformen en wat zijn hun verplichtingen?

Peggy Criel - Legal Expert - Partena Professional

Donderdag 6 april 2017 — Sedert begin 2017 zijn alle spelregels voor de toepassing van het fiscaal gunstregime van de deeleconomie gekend. De erkenningsvoorwaarden voor de elektronische platformen werden immers vastgelegd, net zoals de verplichtingen op vlak van de bedrijfsvoorheffing.

Ter herinnering, inkomsten uit de deeleconomie zijn inkomsten uit diensten die een particulier aan een andere particulier levert, onder de volgende voorwaarden:

  • De particulieren moeten handelen buiten het kader van hun beroepswerkzaamheid;
  • De diensten worden uitsluitend verricht in het kader van overeenkomsten die tot stand zijn gebracht door tussenkomst van een elektronisch platform dat door de overheid is erkend of georganiseerd;
  • De vergoedingen worden enkel via dit platform of door tussenkomst ervan betaald aan de dienstverlener.

Het nieuwe belastingregime betreft enkel de inkomsten betaald door platformen vanaf de datum van hun erkenning (ten vroegste in 2017). Tot een grens van € 5.100 (bedrag voor 2017) worden de inkomsten belast aan 20%, na toepassing van de forfaitaire beroepskosten van 50%. Indien deze grens wordt overschreden, dan worden de volledige inkomsten, behoudens tegenbewijs, beschouwd als gewone beroepsinkomsten.

Welke zijn de erkenningsvoorwaarden van de elektronische platformen?

Om een erkenning te verkrijgen moet het elektronisch platform voldoen aan volgende voorwaarden:

  • Het platform moet ingericht zijn binnen een vennootschap of een vzw die is opgericht in overeenstemming met de wetgeving van een lidstaat van de EER of met de wetgeving van een staat waarmee België de verbintenis heeft aangegaan om haar ondernemingen op dezelfde manier te behandelen als een Belgische onderneming;
  • De vennootschap of vzw moet:
    • gevestigd zijn in een lidstaat van de EER of een staat zoals hierboven vermeld waarmee België een verbintenis heeft aangegaan;
    • ofwel, ingeschreven zijn in België in de Kruispuntbank van Ondernemingen in de hoedanigheid van een handels- of ambachtsondernemingen; ofwel, ingeschreven zijn in het handelsregister volgens de eisen van de wetgeving van het land waar de vennootschap of vzw is gevestigd;
    • beschikken over een identificatienummer voor btw-doeleinden.
  • De personen bevoegd voor de vennootschap of de vzw moeten voorwaarden vervullen met betrekking tot hun professionele bekwaamheid.

Hoe de erkenning aanvragen?

De aanvraag tot erkenning van het elektronisch platform gebeurt door middel van een elektronisch formulier. Bij de aanvraag moeten verschillende documenten worden toegevoegd (bv. kopie oprichtingsakte, kopie inschrijving handelsregister, …).

Het ingevulde en ondertekende formulier en de bijlagen worden verstuurd:

Zijn er al platformen erkend?

In februari 2017 ontving de FOD Financiën de eerste erkenningsaanvragen. De lijst van erkende platformen zal worden bijgehouden op de webstek van de FOD Financiën.

Tot op de dag van publicatie van deze Vraag aan een expert werden nog geen namen van erkende platformen gepubliceerd. In de pers circuleerden wel al volgende namen: ListMinut en FLAVR.

Moet het platform bedrijfsvoorheffing inhouden?

Het elektronisch platform moet op de vergoedingen die het toekent bedrijfsvoorheffing inhouden en doorstorten aan de FOD Financiën.

De bedrijfsvoorheffing bedraagt 10 % van het bruto bedrag. Dit bruto bedrag omvat onder meer het bedrag dat werd betaald aan de particulier die de dienst heeft verricht maar moeten worden verhoogd met een aantal sommen die door het platform (of door zijn tussenkomst) zijn ingehouden (bv. kosten die het platform aanrekent, eventuele belastingen ingehouden door het platform, …).

Wanneer één globale vergoeding wordt gevraagd voor de diensten uit de deeleconomie en het verhuur van onroerende en/of roerende goederen, bedraagt de bedrijfsvoorheffing 2 % van het bruto bedrag. Dit geldt enkel maar voor zover in de overeenkomst geen afzonderlijke prijs voor de diensten uit de deeleconomie werd bepaald.

Moet het platform inkomstenfiches afleveren?

Elk jaar moet het elektronisch platform een inkomstenfiche 281.29 opstellen voor iedere dienstverrichter die inkomsten uit de deeleconomie ontvangt. Op die fiche zal onder meer de identiteit van de dienstverrichter, een omschrijving van de dienstprestaties, het bedrag van de vergoedingen en het bedrag van de ingehouden bedrijfsvoorheffing worden vermeld.

De platformen moeten deze fiches aan de FOD Financiën overhandigen:
    - langs elektronische weg via Belcotax-on-web;
    - ten laatste op 28 februari van het jaar na het inkomstenjaar.

De platformen moeten ook aan de verkrijgers van de inkomsten een exemplaar van deze fiches overhandigen binnen dezelfde termijn (langs elektronische weg of op papier).

Peggy Criel - Legal Expert - Partena Professional